|
Dieren van textiel, bloemkoolkinderen en sieraden van edele metalen en zeep. Het klinkt als een vreemde opsomming. Een combinatie van de genoemde ingredienten moet haast wel een ongerijmde tentoonstelling opleveren, zeker las de verschillende onderdelen zijn samengebracht onder de noemer 'Terug naar de natuur". Dat het inderdaad om een merkwaardig en ongrijpbaar geheel gaat, blijkt uit de expositie van Henriette Bannink, Ellen Marcellis en Sitar Lieck in galerie "De andere Kant"in Tonden.
Wie de titel "terug naar de natuur"letterlijk neemt, zal zich al snel misleid voelen bij het zien van de tentoongestelde objecten. Terug naar de natuur, oke, maar dan wel met een omweg. Zo wordt Sitar Lieck vooral gefascineerd door 9natuurlijke0 processen die in haar geval vaak ook een chemische component bezitten. In haar sieraden brengt zij totaal verschillende en zeer ongebruikelijke materiaalsoorten bij elkaar. Het gaat om combinaties van duurzame en vergankelijke materialen, zoals edelmetalen en zeep. De merkwaardige frictie in de materiaalkeuze maakt de dragers van de sieraden bewust van de vergankelijkheid van de dingen en van de veranderingsprocessen die het leven zowel interessant als onberekenbaar maken.
Ellen Marcellis laat zich bij voorkeur leiden door het besef dat het aardse en boerse bestaan een sterke zinnelijkheid in zich draagt. De fysieke aanwezigheid en uitstraling van haar werk benadrukt die zinnelijkheid.Marcellis zoomt in op de puurste vorm van leven, waarvan de aspecten vrouwelijkheid en vruchtbaarheid onmiskenbaar deel uitmaken. Zij ontkomt niet aan dood en misvormingen. In de serie 'bloemkoolkinderen' behandelt zij de fenomenen 'vergankelijkheid' en 'groei' op basis van de kinderlijke volkswijsheid dat baby's niet door de ooievaar gebracht wordt, maar door de bloemkolen in de moestuin worden voortgebracht. Dit sprookjesachtige gegeven is door haar getransformeerd in mixed media waarin zowel de plantaardige moeder als het nog ongeboren kind verbeeld zijn. Ook in het werk van Henriette Bannink speelt natuurbeleving een belangrijke rol. Bannink focust zich vooral op het lichaam van mens en dier. Met textiel, latex en natuurlijke materialen als haar, schedels en botten geeft zij vorm aan bijzondere transformatieprocessen. De natuur wordt niet alleen nagebootst maar ook vervormd. Gedeformeerde dieren benadrukken kwetsbaarheid, vergankelijkheid, sereniteit en ingetogenheid. Twee reetjes op sterk water, een verzameling vogelpootjes, de zwarte fluwelen huid van een mol, een dode kraai, het eigen lichaam van de kunstenares en fragiele plantjes fungeren als katalysator in een scheppingsproces dat de natuur letterlijk zeer dicht op de huid zit.
|